Blog Opgelegde grenzen

Sandra werkt als intensief pedagogisch thuishulpverlener en is moeder van 3 kinderen. Haar 2 dochters zijn 17 en 21 jaar, en wonen nog gezellig thuis. Haar jongste, een zoon van 8 jaar, ook thuiswonend is pas geleden gediagnosticeerd met ASS. 

Aan de vooravond van de boekpresentatie van mijn tweede kinderboek kijk ik glimlachend naar mijn pas gekochte boekenrekje. Er kunnen 2 stapels boeken in. Er ligt al één stapel in met glimmend rode kinderboekjes. Straks komen de andere boekjes er in, die volgende week officieel uitkomen. Ik heb het rekje gekocht voor op een beurs, of gewoon voor thuis. Straks kunnen er stapeltjes in, twee van mijn zelf geschreven boeken. Ik heb nooit durven dromen dat ik echt schrijver zou worden. Maar dat ben ik wel. Alleen doordat ik er in bleef geloven.

Als kind maakte ik al tijdschriften, compleet met tekeningen, voor mijn familie. Op de basisschool zat ik in de redactie van de schoolkrant. Ik was trots als er een stukje van mij in de schoolkrant verscheen!  Ik had dus duidelijk een droom als kind. En blijkbaar ook een talent. Maar het werd niet gezien en niet gestimuleerd.

Ik ben vrij bekrompen opgevoed. Doe maar gewoon, dan ben je al gek genoeg. Of: dat is niet voor je weggelegd. Ik maakte simpelweg ook weinig dingen mee. Mijn droom vervaagde. En werd in een omgeving geduwd. Maar dat kwam goed toen ik ouder werd. Want als je ouder wordt, kun je zelf je eigen grenzen bepalen. Hoewel dat gevoel van ‘doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg’ wel ergens blijft hangen. En er is moed voor nodig. Dat zou niet nodig hoeven zijn.

Nu, op mijn 44e, heb ik uiteindelijk wel wat dromen nagejaagd. Mijn boeken dus, maar ook de opleiding tot yogadocent die ik altijd, diep verstopt van binnen, wilde volgen. Iets wat absoluut ver weg van mijn familie staat. Maar ik heb het altijd al gevoeld. Op een dag besloot ik gewoon de eerste stap te zetten en me op te geven voor een module kinderyoga. Ik zou wel zien hoe het zou gaan lopen. Het rolde jarenlang door, en ik volgde de ene opleiding na de andere. Het werd het begin van een reis door mezelf. Maar daar was wel moed voor nodig. Bij het zetten van die eerste stap voelde ik meteen dat ik op mijn pad zat. Ik ging buiten mijn omgeving opgelegde grenzen.

Tijdens deze ‘reis’ heb ik veel geleerd. Ik heb geleerd dat iedereen een talent heeft, of een kwaliteit. Het is aan ouders en leerkrachten om van alles aan te bieden, zodat je met je kind op zoek kan gaan wat zijn of haar talent is.

Ik heb geleerd dat alles mogelijk is. Ja, zelfs als het onmogelijk lijkt. Waar een wil is, is een weg.

Ik heb geleerd dat je met de stroom mee moet gaan, en niet altijd een doel in je hoofd hoeft te hebben. Luister naar het moment en wat er gebeurd. Ik heb geleerd dat je kinderen altijd moet stimuleren. Help het kind te zoeken naar mogelijkheden en oplossingen. The sky is the limit! Ook als je kind bijzonder is.

Dat brengt me naar mijn zoon. Ik heb geen idee wat de toekomst hem zal brengen. Maar ik weet zeker dat hij een talent heeft, een kwaliteit, wat hij in kan zetten voor de wereld. Want ik ben er van overtuigd dat iedereen dat heeft en kan.

En zo probeer ik hem te begeleiden in zijn reis. Hij wilde profvoetballer worden toen hij vijf was. Ja, wie niet op die leeftijd? Hij ging dus op voetbal. Iets wat heel ver van mij afstaat. Maar ik ging, met hem. Voor hem. En daar kwamen we wat uitdagingen tegen. Knellende voetbalschoenen die niet lekker zitten. Niet handig als je ASS hebt. Schreeuwende ouders. Of, wellicht nog erger, een schreeuwende coach. Ik zag mijn zoon in elkaar krimpen. En ik stond elke week met samengeknepen billen langs de lijn. In plaats van lekker voetballen, zag ik hem angstig rondrennen. Hij wist echt niet wat hij moest doen, want de ene ouder riep dit, en de andere ouder riep dat. Zodra de bal voor zijn voeten kwam, schopte hij de bal snel naar een ander. Bang om fouten te maken. Ik twijfelde erg, moest ik hem voorbereiden op het uitspatten van zijn droom? Moest ik hem uit deze situatie halen, die niet goed voor hem is?

Drie jaar lang had hij deze droom. Tot hij op een dag aangaf dat hij er genoeg van had. Nu wil hij op breakdance. En hij wil geen profvoetballer meer worden. Hij wil iets met dieren verzorgen. Ik zucht. Dat ligt wat meer in het bereik. Maar wie ben ik, om deze grenzen aan te geven? Samen met hem heb ik onderzocht waar hij tegenaan liep bij voetbal. Zodat hij zichzelf ook wat beter kan begrijpen.

Het grappige is, is dat hij uiteindelijk wel gegroeid is op het veld. Hij heeft geleerd dat hij zich kan afschermen tegen negativiteit. Hij durfde meer doordat hij in een team terecht kwam waar het gemoedelijker en rustiger was. Hij heeft zelfs doelpunten gemaakt tijdens een wedstrijd! Voor mijn gevoel sluiten we dit op een fijne manier af.

Ik glimlach. We hebben nog lang de tijd. Er is nog van alles mogelijk. Het komt echt wel goed. Hij blijft van voetbal houden en lekker bewegen. Want dat is belangrijk voor hem. Hij ervaart dit niets als mislukt, hij heeft juist iets onderzocht. Hij heeft nog veel meer talenten. En wat zijn grote talent is, en wat ook binnen de mogelijkheden ligt, daar hebben we nog alle tijd voor om dit samen uit te zoeken. Voor nu is zijn grote inzicht dat voetbal leuk is, maar niet echt bij hem past. En gaan we samen op naar een nieuw avontuur. Zonder de door de omgeving opgelegde grenzen. Zoek naar je eigen grens. Dat is wat ik alle ouders en kinderen wens.

Deel via:     

Lees alle blogs van Sandra op Held& Mama 

Lees ook